20. nov, 2022

Kandelaar

Het vriest. Het is koud. Is het de laatste genadeslag voor al die bladeren die nog aan de bomen hangen? Het lijkt er op. Het is nog vroeg en ik loop met Bram buiten. Overal is geluid. Geritsel van vallende bladeren, mijn schoenen en de poten van Bram door het bevroren gras. Hij snuift en ruikt. Waar zijn al die lekkere geuren van gister?

De eerste zon breekt door. De roestbruine boomtoppen lichten op in de winterse grijze lucht. Alsof iemand op het lichtknopje heeft gedrukt. Alles staat aan. In mijn hoofd raast het van de ideeën. Net weer mijn keuken omgegooid. Ik wil meer ruimte, voor Bram en voor ons. Ik wil meer licht en dan niet alleen in mijn leven. Ik wil dat de mooie spullen die ik om me heen heb verzameld, beter uitkomen. Zo ook de houten kandelaren die ik maakte met mijn lieve Engelsman. “Kun je hier iets mee?” zo vraagt hij op de app. Een foto toont vier gedraaide tafelpoten. Ja, natuurlijk kan ik daar iets mee. Samen zagen we er eentje, om te proberen, in drieën. Hij denkt mee. “Iets van ijzer aan de bovenkant?” We kijken om ons heen. Zijn werkplaats is jaloersmakend groot en er ligt en staat veel. Het is zijn wereld, ik ben er Alice in Wonderland. Misschien een oud tandwiel? Het oog valt op een slijptolschijf. Ik leg ‘m op de in wording zijnde kandelaar. Perfect. Het gat voor de kaars zit er al in. De kleuren zijn vergrijsd. Oker, roodbruin en blauw. Hij kijkt me verrast aan. Echt? Jip. Echt. Hij knikt en diept er uit de afvalcontainer nog een paar op. Now we’re talking.

En zo schuif ik in mijn keuken. Verhang de lampen voor de vijfhonderdduizendste keer. Zoek een plek voor die blender die ik zo graag mee wilde, maar waar ik eigenlijk geen ruimte voor heb. Ik hang de papieren kerststerren voor mijn grote raam. Eindelijk dan. Ze hangen al weken schromelijk in de weg voor de ladekast in mijn woonkamer. Hier horen ze. Zal ik zo het lelijke houten wandje schilderen dat nu ineens weer pijnlijk zichtbaar is? Wit, zwart en groen, het is het allemaal al geweest. Of ga ik zo gewoon zitten in mijn keuken. Verwarming aan. Bram op zijn nieuwe kussen achter me. Simpelweg genieten. Van dat wat ik heb. Van dat wat ik maakte met de Engelsman. En dromen?