2. mei, 2021

Sjaal met verhaal

Alleen de panfluit ontbreekt nog. Hoe fout kan deze sjaal zijn. Of worden, want ik haak nog. De oortjes in, luisterend naar mijn hele foute playlist, die ik de laatste maanden bij elkaar sprokkelde. Bij het ene lied prikt de traan, bij de andere wieg ik onverwacht blij en zachtjes mee. Volkomen zen zit ik in kleermakers zit op mijn picknickbank. Met blote voeten, in het zonnetje en met dikke trui en sjaal. Mijn gedachten zijn nergens of overal. Er gebeurt veel.  

Never a dull moment, zo schrijf ik naar mijn broer, die iets mompelt dat het gras bij de buren altijd groener is. Zou dat de reden zijn dat de vader van mijn kind onze tuin altijd wilde asfalteren? Bij mij staat het gras nu tot mijn knieën. Nu sta ik niet al te hoog op mijn benen, dus dat kan snel, maar wie oh wie krijgt het over zijn hart de wilde blauwe hyacinten omver te maaien? Ik niet.

Zen of niet, op afstand volg ik Ajax. Wederom kampioen. Hoe vreemd is het om deze keer niet te kijken met mijn kind. Het kind is met zijn liefde op pad, Ajax of niet. Ook zijn eigen voetbalschoenen hing hij onlangs in de wilgen. Hoe dan? Meteen moet ik denken aan de woorden van de broer van vriendin op de uitvaart van hun vader. Want toen de broer stopte met voetballen, was vader verbolgen. Het was toch immers ook zijn zaterdag? Vader heeft helemaal gelijk. Want al die keren dat ik langs die lijn stond, genoot ik net zo. Van mijn kind, van het spel. Van de ouders om me heen. En ja, van de één net iets meer dan de ander, ik beken met rode wangen. Maar hoe mooi was het om die kleine beentjes te zien in die veel te grote broeken. De autoritten met de mannen achter in. De verhalen en hun beleving. Das war einmal. Slik. Kleine kinderen worden groot. En ik steeds kleiner. En dikker. Maar hé, is het één niet het gevolg van het ander?