30. mrt, 2020

Ik hou me haaks

Een avontuur. Dat is het. Liggend op mijn bed verwonder ik me. Over wat er gebeurt, in de wereld, maar, je kent me, vooral ook wat er met mij gebeurt. Ik mag en kan niet naar buiten. Het is een geluk bij een ongeluk. Af en toe zit ik in de tuin. Zonnetje op mijn neus, been gestrekt voor me uit. Mijn knie is dik, gezwollen. Te vol voor de prothese die er ook nog in zit. Ik maak me zorgen, mijn knie klappert als ik loop. Ik voel de prothese rusten op mijn scheenbeen. Het schrijnt, schuurt. Alsof er glasscherven in zitten. Soms past ie er gewoon niet tussen. Hoe ik ook lig, sta of zit. Zullen ze er dan toch echt een te grote in hebben gezet?

De huisarts verwijdert mijn nietjes. Het zijn er veel. Sommigen doen zeer, trekken. Anderen vallen er als vanzelf uit. Ik moet twee keer heen. De wond is nog niet overal keurig dicht. Zwijgend kijk ik naar mijn knie. Litteken nummer 3. Niet erg, maar ineens is daar het besef dat ze echt mijn hele knie hebben opengetrokken. Veel opzij hebben moeten duwen om er bij te kunnen. Ik word misselijk, licht in mijn hoofd. Buiten wacht mijn kind me op. Met water, een banaantje. “Gaat het mam?”

De huisarts is bezorgd. De knie is na 2 weken nog te dik. Hij maant me tot rust. Rust? Nog meer? Mijn bed is mijn troon op dit moment. Nog meer rust en ik krijg doorligplekken. Ondanks Corona mag ik naar de fysio blijven gaan. Het had anders echt een soort van doe-het-zelf pakket geworden. De afspraak in het ziekenhuis voor controle is ook al een telefonische geworden. De fysio wordt ingeschakeld. Vanaf nu alles drie tandjes lichter. Ook de fysiotherapeute maakt zich zorgen. Ze trekt een voorzichtige conclusie. “Volgens mij zit de prothese los.” Het ziekenhuis is zo gebeld. De telefonische wordt een fysieke afspraak. De gymmert gaat met me mee en rolt me door het doodstille ziekenhuis. Ik doe luchtig, maar mijn hart maakt overuren. Als er iets los zit, betekent dat een nieuwe operatie. Niet nu, maar op termijn. Moet ik weer die malle molen in. Een molen waar ik zo dolgraag uit wil. Back to normal. Terug naar mijn gewone leven.

De chirurg neemt de tijd. Laat een foto maken en stelt me gerust. Alles zit goed vast. Dat wat ik voel, hoort er bij. Omdat hij door de andere twee littekens een omweg moest maken, hebben ze meer moeten sleutelen. Is de operatie zwaarder. “Twaalf weken hè, staan er voor”, zo zegt hij monter. “Je zit nog niet eens op drie. Het duurt misschien zelfs wel een jaar, voordat je denkt, hé die knie is van mij.” Ik heb nog een lange weg te gaan. Op de gang voel ik de armen van de gymmert om me heen. Zo dan, wat een opluchting. Terug naar huis scoren we een ijsje langs de weg. Om het te vieren.

Thuis zoek ik naar de balans. Probeer tussen alle oefeningen door de nodige rust te pakken. Lig meer dan dat ik zit. Ik schrijf, lees, app, puzzel en snurk. En houd me letterlijk haaks: sjaal nummer 2 is bijna klaar.