1. mrt, 2020

Opgeruimd

Het grote aftellen is begonnen. De weken vliegen voorbij. Waren het er eerst nog zes, ineens is het er nog maar één. Bijna is het 9 maart, D-day, de dag van mijn nieuwe knie. De angst is killing, maar toch maak ik me nog het meest druk om hoe ik mijn huis op tijd aan kant krijg. Zodat ik met krukken of op één been door mijn pittoresk huis heen kan, zonder ook maar iets te raken. De krukken staan al tegen de muur. Ik mocht ze lenen van de lieve vader van mijn kind.

Gelukkig heb ik een berging. Een berging waar – sinds we het opruimden - veel in past. Waar straks stoelen en kasten in moeten, omdat mijn bed de woonkamer in moet. Met krukken kan ik mijn smalle trap niet op en men (ik noem geen namen) vindt het niet verstandig dat ik me op mijn billen omhoog wurm. Dus slaap ik straks een week of wat beneden. Het wordt nog een heel avontuur, want de douche is ook boven. Stoer is hij of zij die mij weerhoudt van een warme douche. Boven komen zal ik.

De berging is nu nog vrij leeg. En dus, zo bedenkt mijn ondernemend en altijd onstuimig brein, is een laatste rondje kringloop heus nog mogelijk. Het wordt één grote beproeving, waar gevoel en ratio flink botsen. Tuurlijk wint het gevoel. Genadeloos ga ik door de knieën, ik zie te veel leuks om te laten staan. Hoe mooi past het een bij het ander. Op de foto op Instagram (jawel... ik sloot me aan bij de duizend andere kringloopschatvinders), in de marktkraam. Ik ben op de fiets en dus laat ik een grote wollen deken liggen. De wol is warm, zijn kleuren nog warmer. En krijg spijt als haren op mijn hoofd wanneer de Flevopolder-vriendin, aangestoken door mijn enthousiasme, aangeeft op zoek te zijn naar gave bekleding voor twee stoelen die ze aan het opknappen is. Die deken had er niet op misstaan. Zo vind ik. Maar ja, wie ben ik. De lectuurbak die ik zo hemels opleukte met oude spijkerbroekrepen van mijn grote kind, staat nog altijd te koop in de marktkraam. Over smaakt valt te twisten.

Ik kijk naar buiten en zie zon, hoor de wind. Zal ik mijn neus nog wat opfrissen, die wolken verjagen die mijn hoofd vertroebelen en waardoor ik redelijk brak op stond vanmorgen? Of sluit ik me een uurtje op en ga ik stoeien met de woorden voor een website van een vriendin. Die ik aarzelend aanbood met haar mee te willen denken. Want hoe leuk is het om te kijken welke woorden bij haar en haar product passen. Ga ik daarna nog even een rondje om. Of ga ik lezen in het boek dat er al zo lang ligt (Clairy Polak - Voorbij, voorbij) en dat me nu zo snoeihard raakt. Of pak ik mijn nieuwste en truttigste hobby op en haak ik nog een sjaal of wat. Zo dan. Het brakke is weg, ideeën stromen en die hele lange vrije zondag is ineens te kort.