12. jun, 2018

Fingers crossed

Vandaag was een goede dag. Niet te warm, niet te koud. Ik doe alles wat ik op mijn lijstje heb staan. Ik schrijf, ik fiets en ik wandel met Bram. Tussendoor doe ik boodschappen. De eerste week van de zomervakantie ligt inmiddels vast. Samen met Belofte ga ik naar ‘mijn' Italië. Fiets en tent gaan mee. Ergens op een heuvel ligt ons ‘plekje apart’. Met een adembenemend uitzicht. Via Marktplaats koop ik een hangmat. Niet eerder keek ik zo naar een vakantie uit.

Het grote aftellen is begonnen. Met mijn vingers gekruist en een behoorlijke knoop in mijn maag wacht ik het af. De uitslag van het examen. Wat was ik zenuwachtig die eerste examendag. Zijn wit vertrokken koppie voor mijn ogen. Zijn ogen die angstig de wereld in kijken. Je wilt het niet. Je wilt dat hij onbevreesd en onbevangen alles tegemoet kan treden. Hem voor altijd en eeuwig behoeden voor het gevaar dat overal en altijd op de loer ligt. Het kan niet. Bovendien creëert hij zijn eigen weg. Het is er niet eentje zonder kronkels. Bleef hij daardoor eerder zitten, er zou nu zo maar een extra examenjaar aan geplakt kunnen worden. “Reken op een herkansing mam.” Zo sloot hij zijn laatste dag af. Ik reken nergens op. Zal hem opvangen waar nodig. En met hem mee juichen als het kan. Trots ben ik toch wel. Om wat hij heeft laten zien die laatste weken. Hij kan het dus, ergens voor gaan. Iets te laat, dat wel. Maar hij kan het. Dat is wat ik wilde voelen bij hem.

De nieuwe vlag staat in de hoek. Je weet het maar nooit. Nog ingepakt en wel. Ik neem morgenmiddag vrij van mijn werk. Zal samen met zijn vader een pan kippensoep maken. En tiramisu, zijn lievelingseten. Troostvoer. Of feestvoer. Morgen weet ik het.