28. feb, 2018

Vakantie

Het begin van mijn vrije week verloopt stroef. Rechtop slapend op de bank kom ik de zaterdag door. Liggen gaat niet. Dan barst mijn hoofd van de migraine uit elkaar en is de emmer te klein. Dus blijf ik zitten. Mijn hoofd op de achterleuning van de bank. Belofte is binnen handbereik. Zit rustig te lezen en ontfermt zich over Bram.

Weer ga ik onderuit. Is het de stress om het werk af te ronden op kantoor, zodat ik überhaupt vrij kan? Of is het omdat de beoordelingsgesprekken op kantoor zijn afgerond? En ik zie dat mijn collega’s het daar heel moeilijk mee hebben? Vanwege de straffe beoordeling, vanwege de lage beloning. Geen idee. Wel weet ik dat ik weer een dag kwijt ben. En ik pas tegen het eind van de dag opkrabbel.

Op zondag en maandag fiets ik, ondanks een ijzige wind, kilometers met Belofte. Staan we dicht tegen elkaar op het pontje en eten we ovenverse broodjes op een bankje in de duinen. Het bankje staat in de luwte en de zon is een felle. Al moet ik achteruit op de fiets terug naar huis door de polder, mijn gevoel daar op die plek nemen ze me niet meer af. Het is buitengewoon. Een paar kilometer van  huis, maar zo duidelijk met vakantie.

Vandaag, op woensdag verlaat ik het gezelschap van Belofte. Het is tijd voor onze mannen. Met Bram en mijn fiets achterin rijd ik stil maar blij naar huis. Het is een dubbel gevoel. Telkens weer. Het afscheid, maar tegelijk het verlangen naar je eigen stek en kind. Als ik de deur opendoe ruik ik de bloeiende hyacinten. De verwarming staat zachtjes aan. Alsof mijn huis me verwelkomt en me omarmt. Ik app hem. Zeg hem hoe fijn het was. Dat ik hem mis. Mijn tranen zijn warm. Ondertussen gooi ik er snel een was in en spring in de auto. Op naar mijn kind. Nog bij zijn vader, maar met de koffie klaar. Hoe fijn is het. Met zijn en mijn lievelingstaartje gauw bijpraten. Zijn ogen even zien en voelen dat het goed is.

In de middag gooi ik alle remmen los. Geef ik mijn halve bonus uit aan drie paar nieuwe schoenen. Om te sporten en voor naar kantoor. Scoor ik die joggingbroek die nog ontbrak. Niet veel later zit ik met een kop warme thee en de hond aan mijn voeten aan de keukentafel. Tik ik dit verhaal en geniet ik. Van de afgelopen vrije dagen, van de dagen die nog voor me liggen. Ondertussen glimmen mijn nieuwe schoenen me tegemoet. Grijnst Bram verlegen. Zullen we ze uitproberen? Rondje park? 

Aldus geschiedt.