9. okt, 2017

Non verbaal

Hoe intensief is de week. Met veel doorstampen achter mijn computer en iedere avond op pad. Voor mijn werk, de school, voetbalclub of gewoon voor mijn eigen plezier. Ik sjees maar door. Nietsontziend. Genietend. Met een rugzak vol energie.

Stuiterend ga ik door de week. Beland bij mensen waar ik energie van krijg. Door die ene opmerking uit de mond van een voetballer. Die ik samen met een vriend van mijn kind mag interviewen. Die het heeft over eerlijk zijn en hard werken. En waarin ik mezelf zo erg herken. Door de cursus die ik voor mijn werk mag volgen en waarbij ik me niet verloren voel, maar zo erg het tegenovergestelde.

Op een verjaardag voel ik me welkom door een enthousiaste high five en blije ogen, een hand op mijn schouders. Luister ik naar de woorden van de gastvrouw, beginnend onderneemster en vol inspiratie. Waarmee ze zo graag anderen wil bereiken. Ze heeft het over communiceren zonder taal. Dat er soms geen woorden nodig zijn om met elkaar te praten. Dat je dan je diepere ik bereikt. Dat dat kan weet ik. Voel ik. Bij de mensen waar ik mee level. Waarbij die klik is. Ik lees de ogen van mijn lief. Die af en toe naar me kijkt. Om te peilen hoe ik me voel. Maar met een lading waar ik van duizel. En een belofte inhoudt.

De week is zo intensief dat ik in elkaar stort. De rugzak is te zwaar. Teveel indrukken, teveel druk. De zondag is er eentje van een knallende koppijn. Misselijkheid. Met emmers en wc. Ik slaap de hele dag. Met mijn lief stil en behulpzaam aan de keukentafel. Hij is er als ik hem roep. Of als ik hem niet roep. Die mij zwijgend de emmer aanreikt. Weer lees ik zijn ogen. Voel ik zijn koude hand op mijn voorhoofd. Kon hij maar hier blijven en voor altijd voor me zorgen. Toch wil ik dat hij gaat. Om zijn eigen dingen te doen. Zich voor te bereiden op zijn week. Ik probeer mijn tranen in te houden. Toch ontsnappen ze. Stilletjes glijden ze over mijn wang. Ik hoop zo dat hij ze niet ziet. Het is gelukkig donker. Non verbale communicatie. Ook nu. Met zijn vinger strijkt hij ze net zo stilletjes weg. Geeft me de liefste kus die hij heeft. En gaat. Het is goed.