22. aug, 2016

Stil geluk

Maandag. De eerste dag van mijn vakantie. Stil zit ik op de bank. Verwonderd, dankbaar. Gelukkig? Ja, gelukkig. Al durf ik het bijna niet hardop te zeggen. Bang dat het geluksgevoel als zand tussen mijn handen door glipt.

Bijna 5 maanden op mezelf. Met kind, hond en een wel heel labiele uitgave van mezelf. Sterk oog ik, zwak ben ik. Zoekend naar mijn plek, mijn ik. Naast een scheiding, ook nog eens het afscheid van die ander. Die al zo lang zo’n grote rol op de achtergrond speelde en mijn leven beheerste. De beslissingen die ik nam waren groots. Vloeiden voort uit onmacht. Moe van het wachten op die momenten, waarin het was zoals het zou moeten zijn.

Het huis wordt beetje bij beetje mijn huis. Met losse spullen die zo wonderwel bij elkaar passen. En de basis vormen van mijn thuis. Mijn kind die nu zestien is en hoog boven me uit torent. Verbazingwekkend goed in zijn vel zit, met zorgvuldig uitgekozen vrienden. Bij wie hij zich prettig voelt en bij wie hij toch ook nog een beetje dat kind kan zijn.

Ik organiseer een feestje. Voor mijn kind en ik. Sta uren in de keuken en poets mijn huis tot het blinkt. Bram breng ik voortijdig naar een pension. Springende honden en rondvliegende haren kan ik nu niet gebruiken. Veel mensen zeggen af. Ze zijn met vakantie of aan het werk. Toch is het druk. Barst mijn kleine huis uit zijn voegen. De mensen die er zijn, zijn me lief. De mensen die er niet zijn, wensen me een fijne dag. Hoe mooi kan het zijn.

En nu? Nu voel ik me gelukkig. Prijs ik mezelf rijk met familie en vrienden. Geniet ik van mijn eigen plek en zit ik verwonderd op mijn bank. Stiekem simpelweg gelukkig te zijn.