19. mei, 2016

Sneu

Het is mijn dag niet en het gaat ‘m ook niet meer worden. Een werkdag thuis en het schiet maar niet op. Moet me verdiepen in een complex dossier, maar krijg de focus niet te pakken. Mijn gedachten schieten continu dezelfde kant op. Draaien om de hete brij heen. Een kant waar ik niet heen wil en de brij bovendien te heet.

Dan maar fietsen. Het is zacht weer en ik ben, natuurlijk, te warm gekleed. Toch trap ik door. Mijn benen voelen zwaar, mijn buik ook. Grrr. Gaat er dan niets soepel vandaag? Desondanks geniet ik, van de polder, de jonge aanwas in de wei en de zon in mijn gezicht. Mijn hoofd zit weer zo vol. Tot de nok toe gevuld met gevoelens, denkbeelden, fantasieën en jawel, altijd die stille hoop. Gevoed door zware tv-programma’s die ik gisteren bij toeval zag. Mensen in het ziekenhuis, mensen zonder kans op genezing. Mensen met kanker, in slok- of endeldarm. Ineens zit ik zelf weer in het ziekenhuis. Voel ik weer exact dat wat er door me heen ging bij de ‘slecht nieuws’ gesprekken van mijn ouders. Inmiddels al jaren overleden, maar toch. De mensen op tv hebben allemaal een partner. En dat raakt me. Want wie zit er naast mij als ik zo’n gesprek krijg? Het is geen twijfel, geen spijt dat me ten deel valt. Maar pure zelfmedelijden. Hoe sneu ben ik nu.

Het boek dat ik lees is wanstaltig. Groots aangeprezen in de media. Smeuïg door de kinky-details, maar meer dan afschuwelijk door het gedrag van de hoofdpersoon. Zij moordt, hakt iemand in stukken. Rücksichtlos. Ik kan me hier helemaal niet in verplaatsen. Wil dit niet lezen. Een bestseller, ook nog. Wereldwijd miljoenen keren verkocht. Hoe is het in vredesnaam mogelijk. Maar ook ik tuin er in. Volg al die makke schapen die mij voorgingen. Sneu ben ik weer. Nu in het kwadraat.