26. mrt, 2016

De weg kwijt

Het is zeven uur. De zon schijnt. Zaterdag, mijn tweede vrije dag op rij. Mijn kind is bij zijn vader en ik heb het rijk alleen. Moet alleen op een verjaardag, voor de rest kan alles nog ingekleurd worden. Hoe heerlijk. Naast me ligt een boek, uitnodigend. Hoe lang is het geleden dat ik daarin zo kon verdwalen?

Ik woon al weer een week in mijn eigen huis. Streek de eerste hobbels glad (douche die niet door loopt) en kocht die dingen die bleken te ontbreken. Een kurkentrekker, een borstel. Maar ook een boekenkast. Het voelt naakt, ik zonder boeken. In het andere huis liggen ze al grotendeels in dozen. Te wachten om deze kant op te komen. Ik kon ze niet kwijt. Vanaf dinsdag is dat anders. Dan komt de kast mijn kant op. Ben benieuwd. Het is volgens mij een oude schoolkast. Met veel planken en twee deuren onderin. En achter die deurtjes, ook weer planken en, hoe fantastisch, twee laatjes. Verscholen en wel. Er stonden er twee. Gebroederlijk naast elkaar. Ik kocht er eentje en twijfel nu over nummer 2. Kan ik die niet op mijn andere muur kwijt? Verschuif ik het een en ander. Of wordt het dan te vol? Als ik die kast nou gewoon in de kleur van de muur schilder? Valt die er grotendeels tegen weg. En kan ik er spullen in kwijt. Zo veel als ik wil. Twijfels, twijfels. The story of my life. Bij twijfel niet inhalen. 

Het voelt goed in mijn huis. Hoe anders was het de vorige keer. Toen voelde het tijdelijk, als een soort van tussenstation. Tussen twee levens, twee liefdes. Twee mannen waarvan ik de één niet op wilde en de ander niet op kon geven. Waarbij angst en wanhoop regeerden en de dagen zich aaneenregen van verdriet en eenzaamheid. Misschien dat het nog gaat komen. Ik wil er niet aan denken, wil er alleen maar van genieten dat ik me zo goed voel. 

De zon schijnt. Naast me dat boek. Ik zal weer verdwalen. Maar nu in een boek.