26. dec, 2015

Kerst

Je hebt zo van die weken die je het liefst zou vergeten. Dit was er zo één. Hoe schijnbaar koel en nuchter regel ik het financiële en juridische stuk van onze echtscheiding. Loods ik man en kind door het traject en slik ik dapper heel wat tranen weg. Koop ik tussendoor een huis voor mij, hond en datzelfde kind. Tot hier alles redelijk onder controle. Maar dan. Het moment dat we, notabene op mijn eigen kantoor en voor mijn eigen baas, de stukken moeten tekenen. En ik uit elkaar spat als een luchtballon. De tranen rollen en blijven dat de rest van de week doen. Dan wel als ik alleen ben. Man en kind hebben hun eigen verdriet en ik probeer me groot te houden. Waarom ik huil? Ik wil dit toch? Ja. Dit wil ik. Maar daarom doet het nog wel zeer.

‘Fijne dagen’. Ik app het naar vrienden, naar familie. Maar ik zie er zelf als een berg tegen op. Eerste kerstdag vieren we samen, de tweede zit ik alleen. Man en kind zijn uitgenodigd bij schoonmoeder. Ik ben niet welkom. Ook dit doet zeer. Want handel ik niet juist uit liefde? Ik hou te veel van haar zoon om hem zoveel verdriet te doen. Mijn hart ligt simpelweg daar waar ik ‘m ooit verloor. Ik zou kunnen doen alsof. Omwille van hem, ons kind en de buitenwereld. Maar ik kan het niet. Wil het niet. En daarbij, misschien nog wel het belangrijkste, dat verdient hij niet.

Toch valt die hele Kerst me meer dan 100% mee. Ik word zelfs schromelijk verwend. Hij geeft mij nieuw gereedschap en ik hem nieuw bestek. Hilariteit ten top. Ons kind kijkt ons lachend aan. Warm van binnen word ik als hij over onze schouders heen naar de laptop kijkt. Hij voor het eerst foto’s van de binnenkant van het andere huis wil zien. ‘Ziet er helemaal niet zo oubollig uit’. 

Hoe bijzonder is deze Kerst geworden. Nee, de omstandigheden zijn niet ideaal. Verre van. Desondanks is het een hele warme Kerst. Niet alleen buiten, maar zeker ook bij ons binnen. Alles is in harmonie, alles is oké. Het is goed zo.