20. jan, 2015

Dweil

Oef. De eerste keuze van dit jaar is gemaakt. De toon is gezet. Rust wilde ik. En meer rust zal er nu waarschijnlijk komen.

Tja. Wat moet je als je ene baas vraagt om meer te komen werken. Maar je eigenlijk minder zou willen. Dan moet je keuzes maken. Ik koos voor die ene baas. En moest dus vanmorgen met die andere om tafel. Brrr. Wat ben ik hier altijd slecht in. Opkomen voor mezelf en schoorvoetend zeggen dat ik voor het ene kantoor heb gekozen. Om logische redenen, dat wel. Maar toch. De andere baas was vandaag ook nog jarig. Lekkere verjaardag. Hij reageerde sportief en rustig. Begreep mijn keuze. Maar, hij had al eens eerder (toen door zijn toedoen overigens) wat abrupt afscheid van me genomen en wilde dat niet nog eens herhalen. Dat was hem slecht bevallen. Dus wil hij wat armslag en rustig bedenken wanneer mijn laatste werkdag zal zijn. Volgende week? Volgende maand? Ik kan er mee leven. Wil niet weg met een schuldgevoel en wil hem zeker niet in de sores laten zitten. Wordt vervolgd zullen we maar zeggen. Wel een kus op zijn voorhoofd.

Stiekem kijk ik uit naar de twee ‘vrije’ dagen die ik dan zal hebben. Zonder schuldgevoel met hond naar park of naar zee. Mijn huishouden op orde brengen. Lekker schrijven of lezen in de tuin. Kilometers fietsen. Met vriendinnen op pad. Of gewoon, helemaal niets doen. Al is dat laatste in mijn geval waarschijnlijk een utopie. Want als ik al niets te doen heb, verzin ik wel iets. Ga ik schilderen, knutselen of een hoesje naaien voor mijn e-reader. Hoesje naaien? Die zijn toch gewoon te koop? Jawel. Maar of wat aan de prijs of gewoon niet leuk. Dus ik heb er eentje in elkaar geprutst. Van een oude badmat. Tja. Als je wel eens op de wc in de badkamer zit en niet altijd alles op tijd opruimt of weggooit, zie je soms wel eens wat liggen. Bijvoorbeeld een oude badmat. Opgerold onder de wastafel. De badmat heeft een leuke achterkant. Of onderkant, net hoe je het bekijkt. En is lekker zacht. Dus geschikt voor mijn elektronisch lezertje. Omdat er twee naalden afbreken van mijn naaimachine, moet ik met de hand aan de slag. Het houdt wat. Maar het wordt wel wat. Tenminste, dat vind ik. Als een kind zo blij laat ik mijn ambachtelijk werk zien aan mijn bezoek. Een echte man. Ruig, grof en die nooit en te nimmer een blad voor zijn mond neemt. “Leuk hoor Sil. Gemaakt van een dweil?”

I rest my case.