4. nov, 2014

Herfst

Het is herfst. En niet alleen qua weer. Ook ik ben wat herfstig. In huis met walnoten en pompoensoep. In doen en laten wild en stormachtig. Met af en toe een bui.

Wat voel ik me goed op die heerlijke piekmomenten. Kan ik de hele wereld aan, werk ik lang en geconcentreerd. Ben ik altijd in voor een geintje en daarbij, eureka, ook nog eens zeer goed gestemd. Man, kind en hond varen er wel bij. Het huis is schoon, het eten staat klaar, de was is gedaan en de hond ligt moegelopen op de vloer. Ik draai mijn hand niet om voor een schilderklus, werk en passant vier dagen per week op kantoor en daarbij ’s avonds ook nog actief op redactioneel vlak. Zo wil ik eigenlijk altijd wel zijn. Zo wil ik later herinnerd worden. Op begrafenis of crematie. Sil als een soort van bruistabletje. Sprankelend en stralend. Overal voor in en nergens te beroerd voor. Niets is te gek, alles kan. Herfst in optima forma, zullen we maar zeggen. Of beter, Sil in optima forma.

Totdat het bruistabletje stopt met bruisen. Ik te moe ben om uit mijn ogen te kijken. Of te chagrijnig om ook maar iets aardigs te zeggen. Ik somber en mijn grenzeloos vermogen tot relativeren ineens weg is.

Gelukkig overheersen de pieken. Ook in de herfst. Kom ik in de regel over als zonnig type met dito humeur. Wanneer ik piek? Als de zon schijnt. Bij een lief gebaar of een goed boek. Na een lekkere maaltijd of, en hoor mij, een dito glas wijn. Een vriendelijke klant, een toffe collega. Humor, een onverwacht heerlijk maar oh zo fout bericht. Van veel woorden. Of juist die ene stilte. Ach, van zoveel dingen word ik blij. Van Italiaans, zongerijpte tomaten. De heuvels in Le Marche. Een espresso, pasta, maar toch ook van boerenkool met worst. Van sneeuw, ijs op sloten, koek en zopie’s. Rode neuzen en koude handen. Mijn kind op een sleetje. Ogen waarin het plezier danst. Warme chocolademelk met slagroom. Een notenlikeur. Appeltaart. De geur en warmte van een open haard. Zelfgemaakte appelmoes van een dierbare vriend. De rabarber van mijn moeder. Ik piek om niets. Ik piek om alles.

Nog even en die piek kan de boom weer in. De zoveelste kerstboom. Hoeveel kerstbomen nog te gaan? Maar laat het alsjeblieft nog even herfst zijn. En ik herfstig. Wild en stormachtig. Met hier en daar een bui.