26. okt, 2014

El Clásico

Stel, het is zaterdag. Je bent 14 en je ademt voetbal. Doet niets liever dan de hele dag voetballen. Fysiek of met een controller in je hand. Dan is er niets leuker dan met een stel vrienden naar een echte voetbalwedstrijd te kijken. Weliswaar op televisie, want een retourtje Spanje is iets te veel van het goede, maar toch... Barcelona-Real Madrid. El Clásico.

Een thriller van jewelste. Voor Spaanse begrippen, maar zeker ook voor mijn puberkind. Van de 6 stuiterende jongens die luid joelend op mijn bank zijn gekropen, zijn er duidelijk 4 voor Real en 2 voor Barҫa. Manlief duikt naar boven. Gaat daar tv kijken. Hij is nu eenmaal geen voetballer. Ik blijf aan de eettafel zitten. Ga lezen, maar kan zo op een afstandje de wedstrijd volgen. Want deze wordt door de mannen luidkeels becommentarieerd. Alle namen weten ze. Alle ins and outs. Leeftijd, carrièreverloop en toekomstsprognose. Elke speler komt wel aan bod. Tussendoor alle smeuïge details van wat er zoal op school en in hun eigen dagelijks leven gebeurt. En hier, hier kan ik echt grenzeloos van genieten. De zware stemmen ineens. De lange benen. De mobiel die in hun handen is vastgeplakt. De woorden die ze gebruiken. “Die schoenen zijn echt ziek man”. Tot vele schuttingwoorden die kennelijk ook inmiddels tot hun vocabulaire behoren. Ze nemen geen blad voor hun mond. En dat hoeft ook niet. Ik laat ze. Ze voelen zich blijkbaar thuis.
Ze schenken hun eigen drinken in en eten wat er op tafel staat. Hebben hun eigen toetje meegenomen. Zakken vol chips en chocola. Real wint. Met duidelijke cijfers. Toch valt er geen onvertogen woord tussen de mannen onderling. Ja, grappen en grollen. En daverend gelach. Ze zijn al weer klaar voor hun eigen wedstrijd straks. Het is namelijk nog geen 8 uur. Dus nog een hele avond te gaan. Alles wordt keurig opgeruimd. Ik word vriendelijk bedankt en zingend verlaten ze mijn huis. Zoonlief komt nog even terug. Voor een snelle knuffel, zonder dat die anderen het zien. “Dank je wel mam”. Fluisterend. Alleen voor mijn oren bestemd.

Slik. Mijn kleine grote vriend. Al is hij dan niet meer zo klein. En al zo sterk is dat hij me zelfs kan optillen. Even ben ik blind. Blind van verliefdheid. Op mijn eigen kind. Totdat ik struikel over die ellendige volle voetbaltas. Die er na een week nog net zo staat als dat hij er is neergezet. Maar dat zie ik straks wel. Dit moment is er weer één voor in dat doosje. Dat doosje van geluk. Dat eigenlijk nodig aan vervanging toe is. Voor een groter exemplaar. 

foto: NOS