4. sep, 2014

Alice in Wonderland

Het voordeel van jarig zijn is dat je nog eens een keer iets krijgt. Een boekenbon (of twee) bijvoorbeeld. Hoe blij loop ik dan niet een boekwinkel binnen. Als een kind in een snoepwinkel. Alice in Wonderland. Noem het en ik ben het. Heerlijk.

Op vakantie heb ik even geproefd aan het lezen op de iPad. Dat ging prima. Alhoewel, prima? Ik moet het wat nuanceren. Bij het zwembad werd ie te heet. En moest ie eerst afkoelen. Pfff. Kijk, dat ik na het lezen van een foute passage af en toe een snelle duik moet nemen om af te koelen, is tot daar aan toe. Maar dat het apparaat daar ook last van heeft, is toch wel even een dingetje. Verder was het, met name vlak voor het slapen gaan, elke keer weer een strijd wie dat ding vast mocht houden. De mannen voor een spelletje (of twee) en ik dan om mijn intellectuele vermogens weer wat op te vijzelen… Haha, dat het niveau in de boeken af en toe ver te zoeken was, hoeven die mannen niet te weten. “Ja maar, ik zit midden in mijn verhaal”, bleek het goed te doen. Maar wellicht had een e-reader beter geweest. Die schijnt ook niet te heet te worden en zeer waarschijnlijk is er ook niemand in mijn gezin die ‘m in zijn hand wil houden. Maar ja. Ik was weer eens te zuinig. En daarbij dacht ik toch liever een echt boek in mijn handen te willen hebben. En daarna in mijn kast. Waar het boek dan tot Sint Juttemis staat te verstoffen. Maar hé, het staat wel leuk.

Wie weet en komt er binnenkort een e-reader. En loop ik af en toe eens gelukzalig een boekwinkel binnen. Om toch die band te blijven houden. De geur van boeken… het openslaan van een boek. Kijken naar de vormgeving, de kaft. Het lettertype. Ik kan daar echt van genieten. Dan het moment dat je een boek ziet dat je graag wilt hebben. Vijftien euro is niets. Wel weer een hoop geld. Voor een paar uur van stil geluk. Meteen heb ik mezelf overtuigd. Want wat is nou vijftien euro. Juist als je er zo blij van kan worden… 🙂 Het boek kopen en met piepende banden naar huis. Kop thee of koffie zetten en dan languit met het boek op de bank. Om mezelf vervolgens helemaal te verliezen in het verhaal. Er zijn niet zo heel veel dingen waar ik warm voor loop in het leven (alhoewel), maar dit is er wel eentje. Zo ongelooflijk lekker om aan een andere wereld te ruiken. De spanning of het verdriet van een ander te voelen. Je te vereenzelvigen met de hoofdpersoon. Na te denken over het leven. Over je eigen wel en vooral wee.

Nu kocht ik vorige week met de boekenbonnen een tweetal boeken over suikervrij eten. Slik. Ik suikervrij. We gaan het beleven. Misschien dan hè, want ik ben me nu nog aan het inlezen. Ik kan me er nog niet veel bij voorstellen. No sugar voor Sil. Oef. Het zal een lange weg worden. Ik ben namelijk gek op zoet. Hoe zoeter hoe beter. Taartjes, chocola, koekjes, ijs. Toetjes… ooooh, vooral veel toetjes. Vla, pudding, de ouderwetse Saroma van vroeger… Mijn eigen onvervalste tiramisu. Het water loopt me al schrijvende in de mond. Maar suiker is slecht. Puur gif. Voor je lijf, voor je brein. Voor de lijn. Het kan stemmingswisselingen in de hand werken. Het kan zelfs je hele hormoonhuishouding ontregelen. En nu zijn we waar ik wezen wil. Want dat ik zo onwaarschijnlijk met mijn stemmingen kan schommelen, zou dus, theoretisch gesproken, niet alleen te wijten zijn aan die woeste baren waar ik me af en toe op heb begeven, maar ook aan een overdosis suiker. Hoe simpel kan het dan zijn om de suiker overboord te gooien. Nou ja simpel. Suiker zit overal in. Het heet alleen niet altijd suiker, zo leer ik. Vijftig kilo per jaar per persoon. Dat krijgen we binnen. Suikerverslaafd. We zijn het met zijn allen. Zo ook ik. Weer eens wat anders dan verslaafd aan alcohol. Of nicotine. Of, doe eens gek, sex.

Sil suikervrij. Zal het ooit? Kan ik het? Ik wil het in ieder geval proberen om veel minder suiker te gaan eten. Maar ja.. eenmaal suikervrij, is ook koolhydratenarm een stuk beter. Zo las ik. Brrrr. Geen pasta meer. Ik moet er nog niet aan denken. Het kan best zijn dat ik de alternatieven wel een stuk lekkerder vind. Wie weet. Ik kijk wel halsreikend uit naar alle energie die ik straks ga krijgen. Nog meer energie? Ik ben al zo wild. Of naar een stralende huid. Gewichtsverlies. Geen stemmingswisselingen meer. Ik word nog een heel ander mens. Moet ik weer daarvoor in therapie. Herken ik mezelf helemaal niet meer. Leuk zo’n boekenbon.